Blanco

Vandaag ging het gebeuren. Echt waar. Na drie maand warm en koud blazen, ging én zou die blogpost er komen. Want ja, de sterren stonden goed.
Iedereen kent het gevoel wel: je springt uit bed en je baarmoedergevoel vertelt je dat alles onrealistisch goed zit. Ze zijn uiterst uniek, zo’n dagen, maar absoluut magisch. En vandaag was het mijn beurt, dit was mijn dag.
Sinds eeuwen heb ik eens kunnen uitslapen. 9 heerlijke, aansluitende uren slaap zonder een dwangmatige plaspauze of nachtelijke piekersessie. Om vervolgens op een schappelijk uur te ontwaken zodat ik nog steeds zeeën van tijd had om alle huishoudelijke nonsens te regelen. En mijn middag was gewoon perfect. Ik heb uren kunnen spenderen met een hoop koolhydraten, een oude vriend en een hoop utopische toekomstplannen.Tegen de late avond had ik zeker 5027 nieuwe, waanzinnige ideeën en een niet-te-evenaren enthousiasme.

Het ging dus NU gebeuren; ik ging mijn laptop openklappen en het wereld wijde web verwonderen met een hoop creativiteit en spitsvondige waarnemingen. Om dan op het einde van de dag zeer trots en voldaan “ZIE HIER WERELD, IK KAN HET NOG STEEDS, KANJER DIE IK BEN. HA HA” te kunnen gillen.

Maar hier zit ik dan, compleet moedeloos naar een leeg computerscherm te staren. Ik was de terreur van een blanco pagina compleet vergeten. Na drie verloren uren, is alle hartstocht, creativiteit en hevigheid van deze middag vervangen door een hoop twijfels en grief. Alles ziet zwart.
Niet goed wetend waar te beginnen, vraag ik me serieus af of ik dit nu echt ga doen, nog eens een blogpost de wereld in smijten. Of beter gezegd; mezelf op geheel onpasselijke wijze terug een beetje blootgeven. Mijn innerlijke seut dwingt me om gewoon alles door het raam te kegelen en mezelf te verstoppen onder die vers gewassen dons.

Lang heb ik de “Zeg, wanneer ga jij nog iets schrijven? Het is precies zo lang geleden hé” kunnen wegwuiven. Na de dood van mijn vader had schrijven geen zin meer. Ik heb eerst moeten leren leven met mijn ongeluk. Een jaar lang heb ik geteerd op een immens groot verdriet en een onnoemelijk gemis. Het was niet weten hoe ik uit bed moest stappen of tot aan het station moest fietsen zonder een angstaanval te ondergaan.  Het was niet weten hoe ik tout court de dag moest doorkomen zonder te verdrinken in mijn verdriet. Ik was mezelf compleet kwijt. Het was ook flink glimlachen terwijl iemand een ongemakkelijke opmerking maakt over euthanasie, familie of een sterfgeval. En het was het lelijkste en het schoonste in mijn medemens terug moeten ontdekken. Vorig jaar was overleven.

Schrijven was dus iets zeer triviaal geworden. Alle ludieke berichtjes en frivole instagram-foto’s leken op slag zeer banaal. Het proberen schrijven of enigszins creatief zijn, zorgde voor een monsterlijke druk. Iets wat ik toen hard kon missen. Maar nu kan ik het niet meer laten. Dankzei een hoge dosis verveling ben ik even gaan neuzen in mijn oude wordpress. En eerlijk, na het lezen van mijn  verwarrende ‘About’ pagina moet ik toegeven dat ik dit digitaal circus gemist heb.

Dus hier zit ik dan. Het is een dik jaar na datum en ik probeer een antwoord te zoeken op de niet-te-negeren-lokroep van het schrijven. Sowieso wordt het iets met veel misplaatste West-Vlaamse nuchterheid, de betere Temptation Island quotes en een goede dosis grammaticale- en/of spelfouten. Want ja, wie hoort nu wel het onderscheid tussen een ‘g’ en een ‘h’.

Wens me veel succes want hier gaan we weer.

giphy

 

De kronieken van een pendelaar: Deel 2

Functioneel forenzen: de uitrusting van de hedendaagse pendelaar.

Sommige mensen zijn gewoon avontuurlijk geboren. Ze leven met een niet te stillen, hondsdolle drang om zich in de meest hachelijke situaties te smijten. Geef ze een frivole zakdoek en ze zijn klaar om een woestijn te bestormen. Geef ze een zakmes en ze kunnen een half leven in de jungle spenderen. Deze zin voor roekeloze nonsens kan je niet kopen, het zit in je DNA. Het is een parasiet die door je bloed surft.
Gevaar, angst, schaamte of enige notie van persoonlijk hygiëne is dan ook een inferieure kwestie. Zonder enige twijfel rommelen ze even in een berg olifanten-uitwerpsels of kegelen ze een zak urine achterover. Gewoon, omdat het kan. Ook al hebben ze in vele gevallen een tweede, alternatieve keuze. Zoals: gewoon terug naar huis gaan.

Dit zegt mij persoonlijk niets. Maar dan écht, absoluut, niets. Ik was bijvoorbeeld lang overtuigd dat Bear Grylls een nieuwe soort chips was. Je weet wel, zoals die gore Grills, maar anders.
Mr. Grylls heb ik dan toch even gegoogled. Als was het maar om een idee te hebben hoe een moderne avonturier eruitziet en wat zijn takenpakket precies inhoudt. Het gros van Mr. Grylls zijn dagelijkse routine classificeer ik netjes onder de “MAAR WAAROM?!!…!!!..zot.”-categorie.

Mijn idee van een groot avontuur, rekening houdend met mijn uitgebreide panisch-schrik-voor-alles-lijst, is iedere dag de trein richting Antwerpen nemen. Uiteindelijk steek ik toch ook een plas over. Reden genoeg om deze dagelijkse onderneming te beschouwen als een gek avontuur.
En net als ieder ander uitdagende belevenis, is een goede voorbereiding essentieel. Ook bij het pendelen. Want met het huidige openbaarvervoerbeleid weet je nooit waar je zal terecht komen.

Waar ga je naartoe?

Je zou denken dit een vanzelfsprekende en/of overbodige vraag is. Maar het zou niet de eerste keer zijn dat deze pendelaar in een verkeerde provincie, met een verkeerd vervoersbewijs, in een verkeerd station zou belanden. Daarom houd ik de applicaties van De Lijn en de NMBS altijd dicht bij de hand. Vooral omdat ze rot functioneel en levensreddend zijn. Ironisch, ik weet het.

Wat heb je nodig?

(Je moet de ondertitels lezen, want ze zijn grappig. Beloofd. En anders is dit maar wat saai.)

Hoe pak je  een rugzak?

Hier heb je twee opties. Je kan het doelgericht aan pakken, zoals meeste begaafde reizigers. Zie hier:
How-To-Pack-A-BackpackOf je kan gewoon alles (boterhammen eerst, dan zijn ze lekker zacht) in een je zak rammen. Dodelijk efficiënt en behoorlijk feilloos als je het mij vraagt.

Klaar!

Het avontuur wacht. Adios.

De kronieken van een pendelaar: Deel 1

Pendelen doe ik al sinds mijn veertiende. Voor een of andere gekke reden vond mijn moeder het wel oké dat ik mijn uiterst katholieke en uiterst West-Vlaamse school wou inwisselen voor een Gentse kunstschool.  Vier jaar lang heb ik op het perron van Lichtervelde (je weet wel, dat ene station waar het gigantisch stinkt en niemand kan precies zeggen wat het is), op een ongoddelijk uur staan wachten op mijn trein.
Voor mijn vrienden was ik een moderne wereldreiziger, voor mijn grootmoeder was ik een lelijke ketter. Want op kunstscholen hebben ze drugs en klooien ze maar wat rond. En van die gekke liberale ideeën zoals emancipatie en Darwin’s evolutietheorie was ze ook niet echt fan.

Een jaar geleden kon je me met een grote krop nostalgie terugvinden op het perron van Gent Dampoort. Want in Antwerpen wachtte en gloednieuwe job op mij. Eentje met statuten, procedures en hippe maaltijdcheques. U leest het goed, ik kon niet weerstaan aan de lokroep van de ambtenarij.
Sindsdien ben ik een kunstwetenschapper, pendelaar, ambtenaar en de punch-line van iedere middelmatige grap op twitter.

Pendelen doe ik dus al een half leven. Het is een levensstijl die ik ondertussen heb weten te verheven tot een ware kunst.
Een kunst die gedeeld moet worden met het volk. Daarom presenteer ik jullie, met enig bedenkelijk jolijt, het eerst deel van De kronieken van een pendelaar:

Ontsporen tussen bed en perron: het ochtendritueel van een pendelaar.

6u30: Mijn wekker gaat. Ik citeer even:
“HOE IS DIT NU MOGELIJK. HET KAN ECHT GEEN 6u30 ZIJN. VERDOMME. IK KAN EN WIL NIET GAAN WEEEEEEERKEEEUHEN. ANDREW IK WIL NIET GAAN WEEEEEEEEEEEEERKEUHEN. WAAROM GOD WAAROM!!!!!!!”
Dit, iedere ochtend opnieuw. Telkens gevolgd door een kleurrijke variatie van scheldwoorden, verdoemenissen en een stevige dosis zelfmedelijden. Want voor zeven uur ’s ochtends is het leven ronduit ranzig. En dit komt van iemand die niet in staat is om uren in bed te hamsteren. Dus, liefste snoozers onder ons, jullie zijn gejost.
Mijn empathie voor mensen met kleine koters groeit dan ook iedere dag.

6u31-6u35: Half slapend strompel ik richting toilet. Voor veel mensen is dit een onschuldig ritueel maar voor deze pendelaar is dit het meest cruciale moment van de dag. Alles valt en staat tussen de deze vier minuten. Want, in tegenstelling tot een goed georganiseerd mens, heb ik niet nagedacht over de vestimentaire-keuze-du-jour.
Straks heb ik welgeteld twee minuten om te beslissen hoe ik er de rest van de dag zal bijlopen. En tot mijn grote spijt is ‘landloper chique’ nog steeds niet en vogue. Falen is geen optie…of toch niet iedere werkdag van de week. Als ik drie van de vijf dagen haal, dan ben ik bijzonder trots op mezelf.

6u35: Douchen behandel ik als een Olympische discipline. Ik tik af op een honderdste van een seconde. Maar mijn haar was ik de avond voordien. Anders kan ik met een coupe frissé en een longontsteking gaan werken. Beide een dikke NO NO.

6u42: Wat zeg je? Een schoonheidsritueel? U bedoelt de kilo’s BB-crème die vakkundig op mijn wezen worden geplamuurd? En dat beetje deodorant en parfum die mij doen geloven dat ik lente-fris door de dag kom? Of mijn mascara? Beter gekend als de zwarte betoncement die bestand is tegen iedere variatie van zweet? Jahaaaa dat heb ik, want ik ben een hippe jonge vrouw die mee is met haar tijd.

6u45: Ondertussen sta ik wat te wortelen voor mijn kleerkast. Uiteindelijk moet de Weather Channel app mijn kledij dilemma maar oplossen. Ook al kan deze applicatie het weer voor geen meter voorspellen. Deze pendelaar spuugt al graag eens in het gezicht van het lot.

6u55: Ontbijt. Of iets wat er moet op lijken. Zolang ik niet Hangry de trein op moet, ben ik en de rest van de wereld blij.

7u10: Fietsen is fietsen. En dat doe ik richting station.

7u25: Mijn ochtendlijke koffie bestel ik bij de beste Panos van de wereld. Soms krijg ik twee koekjes bij mijn koffie. En in deze Panos worden alle worstenbroodjes nog à la minute opgewarmd. Kuskes voor de bestelmeisjes!

7u30: Zonder veel gêne neem ik de roltrap (want ik geloof niet in trappen lopen voor acht uur ’s ochtends) naar het perron, klaar voor een nieuw groot pendelavontuur.

Sheldon-Cooper-TrainEn, beste mede-pendelaar, hoe ziet jou ochtendlijke pre-pendelavontuur er uit?